Jaarverslag 2016

2016 in beeld

 

5 Snellere rechtspraak: zorg over verkorting van doorlooptijden

Een ander belangrijk kwaliteitsaspect is de snelheid waarmee rechtszaken worden afgedaan. Partijen in rechtszaken en professionals vinden door de bank genomen dat rechtszaken te lang duren. Een onderdeel van goede rechtspraak is dat rechtszaken tijdig worden afgedaan, zonder dat dit ten koste gaat van de aandacht en zorgvuldigheid die de rechter nodig acht. Daarbij draagt een goed functionerende rechtspraak, waaronder tijdige rechtspraak, bij aan een gezond economisch klimaat.

De Rechtspraak heeft daarom als doel gesteld om de doorlooptijd, van binnenkomst van de zaak tot eindbeslissing van de rechter, fors te bekorten, met gemiddeld 40 procent. Een belangrijk deel van de gewenste verkorting moet gerealiseerd worden door de invoering van digitaal procederen (KEI) en zal dus pas de komende jaren zichtbaar worden. Echter, digitalisering alleen is niet voldoende. Rechters kunnen ook op een andere manier sturen en een regierol krijgen bij het begeleiden en het bekorten van rechtszaken, voordat het digitaal procederen volledig is ingevoerd.

Ondanks het belang dat de Rechtspraak hecht aan het verbeteren van doorlooptijden zijn in 2016 en eerdere jaren slechts beperkte resultaten geboekt. In grote lijnen is de conclusie dat er gemiddeld gezien bij de rechtbanken vrijwel geen verbetering te zien is en bij de gerechtshoven een lichte verbetering. Daarbij zijn ook grote verschillen in de duur van rechtszaken zichtbaar tussen gerechten of tussen afdelingen binnen gerechten. Sommige doen het aanzienlijk beter dan anderen.

De redenen waarom het niet goed lukt om doorlooptijden te verkorten verschillen sterk tussen zaakstypen en tussen gerechten. Er kan bijvoorbeeld sprake zijn van een tijdelijke instroompiek of grote voorraden uit eerdere jaren, personeelswisselingen of roosterproblematiek. Maar ook regelmatige verzoeken tot uitstel door de partijen (bijvoorbeeld voor schikkingsonderhandelingen) of meer aanhoudignen dan verwacht om inhoudelijke redenen (bijvoorbeeld nieuwe feiten) dan wel logistieke redenen (deel dossier nog niet compleet of afwezigheid van betrokkenen) kunnen zorgen voor langere doorlooptijden.

In 2017 heeft verkorting van de doorlooptijden daarom extra aandacht. Dit komt onder meer tot uiting in de bestuursafspraken die de Raad voor de rechtspraak en gerechten maken. Daarnaast vindt in 2017 een tussentijdse evaluatie plaats van het Meerjarenplan Rechtspraak 2015-2020, met doorlooptijden als een van de meest prominente thema’s.